Merken
Machines
Gereedschappen
Werkplaatsinrichting
Laserlas veiligheid
Werk je met handlasers of geautomatiseerde fiberlasers? Dan wil je zekerheid dat jij en je team veilig werken. Hier vind je praktische richtlijnen, normen en middelen om risico’s van laserstraling, rook en brand te beheersen. Zoek je laserveiligheidsbrillen, afscherming, rookafzuiging of signalering voor jouw laserlasproces? Neem contact op voor passend advies en een complete, veilige inrichting van je werkplek.
Laserclassificaties en normen die voor jou tellen
Laserlasapparaten vallen vrijwel altijd in klasse 4: hoog vermogen, onzichtbaar infrarood bij fiberlasers, en gevaarlijk voor ogen en huid, ook via reflecties. Door een volledige afscherming met interlocks kun je het systeem functioneel naar klasse 1 brengen, zodat er buiten de behuizing geen gevaarlijke straling vrijkomt. Houd rekening met deze kaders:
Klasse 1 — Volledig afgeschermde lasercel. Veilig buiten de behuizing: afscherming met interlocks en zichtvensters met juiste rating.
Klasse 2 — Zichtbaar licht, lage power. Beperkt veilig door knipperreflex; niet van toepassing op laserlassen.
Klasse 3R/3B — Service- of alignmentsituaties. Gevaarlijk bij directe bundel; strikte procedures en PBM.
Klasse 4 — Handmatig laserlassen, open fiberlaser. Gevaar direct en via reflecties; afscherming, interlocks, PBM en zonebeheer verplicht.
Relevante normen en richtlijnen: IEC/EN 60825-1 voor laserproductveiligheid en 60825-14 voor gebruikersrichtlijnen, EN 207 voor laserveiligheidsbrillen en EN 208 voor alignment-brillen, EN 12254 voor laserveiligheidsschermen en -gordijnen. CE-conformiteit valt onder de Machinerichtlijn. Voer altijd een RI&E uit en borg je maatregelen aantoonbaar. Meer achtergrond en maatregelen: zie het artikel Laserveiligheid bij laserlassen.
Belangrijkste risico’s bij handmatig en geautomatiseerd laserlassen
Oog- en huidrisico’s door laserstraling
Fiberlasers voor laserlassen zenden meestal uit rond 1.000-1.100 nm. Dat licht is onzichtbaar, waardoor je natuurlijke knipperreflex niet werkt. Een fractie van een seconde kan blijvende netvliesschade of cornea- en lensverbranding veroorzaken. Ook diffuse of glanzende reflecties zijn risicovol, zeker op gepolijste of licht reflecterende materialen zoals RVS en aluminium. Bij hogere vermogens ontstaat bovendien gevaar voor huidverbranding en thermische schade, ook op enige afstand van de bundel of bij lekstraling langs een naad of door een kabeldoorvoer. Meer basiskennis over het proces en de risicoschatting vind je in het artikel Wat is een fiberlaser?
Let op 3D-reflecties in de werkruimte: een enkele hoek of scherpe rand kan de bundel onverwacht afbuigen. Zwarte, niet-reflecterende oppervlakken, beam dumps en binnenbekleding van cellen verminderen dat risico. Bij handmatig laserlassen en open handlaswerk is een gecertificeerde laserveiligheidsbril met de juiste golflengte en optische dichtheid onmisbaar. Een standaard lashelm is niet geschikt voor onzichtbare IR-laserstraling. Wil je je verdiepen in aanpak en praktijk? Lees het achtergrondartikel Handmatig laserlassen: precisie, snelheid en kwaliteit. Combineer PBM met afscherming en strikte werkprocedures zodat je niet afhankelijk bent van persoonlijke bescherming alleen.
Lasrook, dampen en ultrafijne deeltjes
Laserlassen produceert metaaldampen en ultrafijne deeltjes. Samenstelling en toxiciteit hangen af van het materiaal en eventuele coatings. Bij RVS kun je bijvoorbeeld chroomverbindingen vormen, bij aluminium oxidedeeltjes en bij verzinkte materialen zinkoxide. Ook restlagen van olie, verf of lijm leveren extra dampen en gassen op. Deze emissies kunnen de luchtwegen irriteren, de longfunctie aantasten en op langere termijn gezondheidsklachten veroorzaken. Door de hoge energiedichtheid van lasers ontstaan veel deeltjes in het nanobereik, die diep in de longen kunnen doordringen.
Beheers dit primair bij de bron met effectieve las- en snijafzuiging in of direct aan de toorts, of in een gesloten lasercel met onderdruk en filtratie. Gebruik geschikte filters en zorg voor tijdige vervanging. Opvang via HEPA- en eventueel actieve koolfilters is vaak wenselijk, afhankelijk van het materiaal en proces. Voor ruimteluchtfiltratie in grotere werkplaatsen kan een systeem als de Kemper Clean Air Tower de luchtkwaliteit verder verbeteren. Reken persoonlijke ademhalingsbescherming als laatste vangnet en niet als primaire maatregel. Meet en monitor waar nodig je blootstelling en pas je ventilatiedebiet en filterkeuze aan op basis van werkelijke belasting.
Fysieke, elektrische en brandrisico’s
De combinatie van hoog vermogen, hitte en fijn stof vergroot het brand- en explosierisico. Vonken of een weglekkende bundel kunnen brandbare materialen, kabels of verpakkingen in de omgeving ontsteken. Olie- en oplosmiddelresten, stofophoping en kunststof afdekkingen zijn veelvoorkomende ontstekingsbronnen. In ruimten met verhoogd explosiegevaar is aanvullende ATEX-risicobeoordeling vereist en is open laserlassen doorgaans ongeschikt.
Elektrisch werk je met voedingen en besturingen met hoge spanningen en stromen. Onjuiste aarding, beschadigde kabelmantels of geïmproviseerde aanpassingen verhogen het risico op elektrische schokken, boogvorming of EMC-problemen die veiligheidscomponenten kunnen beïnvloeden. Houd daarnaast rekening met mechanische gevaren: klemmen, kleppen, bewegende robotassen of positioneersystemen. Vergrendel mechanische bewegingen bij open toegang en borg lockout-tagout bij onderhoud.
Zo maak je je laserlasproces aantoonbaar veilig
Engineering controls en afscherming
Streef ernaar je installatie functioneel naar klasse 1 te brengen. Dat doe je met een gesloten lasercel of cabine met interlocks op deuren en luiken, een veiligheidsslot- of sleutelbeheer, statuslampen, noodstoppen, een shutter of blanking-functie en beam dumps. Kies zichtvensters en gordijnen met de juiste rating volgens EN-normen en pas niet-reflecterende binnenafwerking toe. Zorg dat datakabels, doorvoeren en service-openingen stralingsdicht zijn. Koppel interlocks aan een veiligheidscircuit of safety PLC zodat bij openen van de behuizing het laservermogen onmiddellijk wordt onderbroken. Voor handlaswerk in open setting gebruik je gecertificeerde laserschermen of een cabine, stel veiligheidsafstanden vast en breng duidelijke markeringen en lichtsignalen aan met waarschuwings-sets voor laserwerkplekken. Merkspecifieke oplossingen zoals CEPRO las- en werkplaatsafscherming helpen bij veilige afscherming en zichtlijnen. Wil je zien hoe inrichting en veiligheidsmaatregelen er in de praktijk uitzien? Neem contact op; we laten je graag praktijkvoorbeelden zien.
Persoonlijke beschermingsmiddelen kiezen
PBM vullen technische maatregelen aan, maar vervangen ze niet. Selecteer gericht op jouw proces en laserparameters. Voor geïntegreerde oog- en gelaatsbescherming bij handmatig laserlassen is een Laser lashelm Univet MASTR – oog- en gelaatsbescherming een veilige keuze.
Laserveiligheidsbril volgens EN 207 voor je werkvermogen en golflengte. Controleer markeringen op OD/LB-waarde en nm-bereik. EN 208 is voor alignment, niet voor vol vermogen.
Adembescherming minimaal P3 als back-up bij afzuiging of bij korte klussen. Kies liever bronafzuiging of een gesloten cel als primaire maatregel. Overweeg een Laser lashelm Tecmen 100LW; PAPR-opties zijn beschikbaar.
Hand- en lichaamsbescherming hittebestendige handschoenen en vlamvertragende kleding, mouwbescherming en veiligheidsschoenen.
Gehoorbescherming indien geluidsniveaus hoger zijn door proces of afzuiging.
Bekijk ons assortiment persoonlijke beschermingsmiddelen voor een veilige inrichting van je werkplek.
Organisatie, RI&E en noodprocedures
Leg in je RI&E vast welke laserklassen, werkmodes en materialen je gebruikt, en welke maatregelen daarbij horen. Wijs een Laser Safety Officer aan die procedures beheert, trainingen organiseert en jaarlijkse controles uitvoert. Beperk toegang tot de veiligheidszone met fysieke afscherming en toegangsbeheer. Gebruik duidelijke signalering, checklists en werkvergunningen bij omstellingen en onderhoud. Test periodiek interlocks, noodstoppen en rookafzuiging, houd logboeken bij en oefen noodprocedures zoals evacuatie en oogspoel-protocol. Stel bezoekersregels op en geef toolboxinstructies bij nieuwe materialen of proceswijzigingen.
Veelgestelde vragen over laserlas veiligheid
Hoe veilig zijn laserlasapparaten?
Laserlasapparaten zijn in de basis klasse 4 en dus gevaarlijk voor ogen en huid, ook bij reflecties. Ze zijn veilig toe te passen als je het proces technisch beheerst: werk in een gesloten, interlocked cel of scherm de zone af, gebruik de juiste laserveiligheidsbril, zorg voor effectieve rookafzuiging en borg procedures. In die configuratie breng je de installatie functioneel naar klasse 1 en verlaag je het restrisico tot een aanvaardbaar niveau.
Wat zijn de nadelen van laserlassen voor veiligheid?
Belangrijke aandachtspunten zijn de onzichtbare IR-straling van fiberlasers, het risico op gevaarlijke reflecties, de hoge energiedichtheid die snel brand kan veroorzaken en de vorming van ultrafijne deeltjes in lasrook. Dit vraagt om gespecialiseerde afscherming, correcte PBM, goede afzuiging en specifieke training. De initiële investering in afscherming en ventilatie is hoger, maar is noodzakelijk om veilig en conform normen te werken.
Heb ik altijd een laserveiligheidsbril nodig bij handmatig laserlassen?
Ja, bij open handlaswerk is een gecertificeerde laserveiligheidsbril verplicht. Kies een bril met de juiste OD/LB-waarde voor jouw golflengte en vermogen volgens EN 207. Een standaard lashelm beschermt niet tegen onzichtbare IR-laserstraling. Werk je in een volledig gesloten, naar klasse 1 afgeschermde cel, dan is een bril doorgaans niet nodig zolang de behuizing gesloten blijft en alle interlocks functioneren.
Wil je zeker weten welke afscherming, rookafzuiging of PBM past bij jouw laserlasproces? Neem contact op voor advies op maat.















